12 augustus 2007
Mijn dag is nog niet af. Ik heb even geslapen toen Amaya werken was. Daarna hebben we heerlijk samen buiten zitten lezen. Zij in haar boek (een modern-progressief sprookje), ik in het mijne (de eerste van Dave Eggers- Een hartverscheurend verhaal van duizelingwekkende genialiteit; ik heb het boek al in de kast staan sinds het uitkwam in 2000, maar pas recent geopend om het te gaan lezen; en het is een prachtig boek). We zijn daarna naar bed gegaan, maar ik ben er weer uitgeklommen. Ik heb een broek aangeschoten, mijn instappers en ook een trui. Nu zit ik hier aan de laptop. Met John Coltrane als compagnie, 'A Love Supreme' spelend op zijn saxofoon. Ik ben dit stukje aan het schrijven, waar ik ook met het verhaal zou kunnen verder gaan. Om mij nu nog te concentreren op het voorschrijden daar van, daar zie ik te weinig tijd voor. Al zou ik natuurlijk de hele nacht kunnen gebruiken om verder te schrijven en te wachten op de opkomende zon.
De zon zien opkomen, heb ik twee keer meegemaakt, bedenk ik me nu. Een jaar of tien terug, terugkomend van de Gentse Feesten om half zeven 's ochtends, en een paar jaar terug toen ik de ganse nacht door Champions Manager heb zitten spelen en daarin PSV wederom kampioen maakte. Toen zat ik ziek thuis. Dat moet dan januari 2004 geweest zijn. Dat weet ik nog goed. Toen was ik ongemerkt, ik was het me niet bewust in ieder geval, een klein beetje overspannen. Ik was van mening dat ik een uitgebreide en langdurige vorm van griep had. Maar 'with hindsight' zoals dat dan zo mooi heet, kan ik zeggen, dat eigenlijk er die drie weken als een berg tegenop zag om weer te gaan werken. Ik had het liefst ontslag gepakt en ergens gaan werken waar ik toen dacht, dat ik mijzelf beter zou kunnen voelen en meer mezelf zou kunnen zijn. Helaas waren toen, en zijn ze nog steeds, de mogelijkheden op werkgebied vrij, om niet te zeggen, heel beperkt. Zeker voor iemand die afhankelijk is van het openbaar vervoer, zoals ik.
Ja, over de grens in Gent en Lokeren en Antwerpen, die koersen, was legio werk. Maar dat was redelijkerwijs niet te doen. Ik geloof dat ik het eenmaal geprobeerd heb, om in Antwerpen iets te zoeken of zo, maar dat is op niets uitgelopen. Ik zag tijdig, vlak voor aanvang van het sollicitatiegesprek, af van werken in Antwerpen.
Alhoewel, ik weet het eigenlijk niet zeker meer of ik daadwerkelijk daar heb gesolliciteerd. Maar het maakt het toch een beetje dramatischer. Vooral dat tijdig in zien.
Dat heb ik wel vaker gedaan. Ongewild soms, vaker doelbewust. Vlak voor aanvang van een sollicitatiegesprek plots de weg kwijtgeraken en het gebouw waar ik moest zijn niet kunnen vinden, of niet op tijd. Soms gebeurde het ook gewoon. Dan reed de bus niet, of pakte ik de verkeerde lijn. Zulke toeren.
En toch....Het zijn altijd goede keuzes geweest. Ik had het op die momenten qua werkinhoud, sfeer en verdiensten, niet beter kunnen hebben. Even goed toch solliciteren. Heeft de slogan van Monsterboard zich toch in het onderbewuste vastgezet en zijn werk gedaan.
(Inmiddels is John Coltrane vervangen door Dizzy Gillespie)
En toch...(the sequel). Als ik toch van passies eens mijn beroep kon maken. Of toch op zijn minst in mijn werk verweven laten zijn. Wat voor beroep zou daar het best bij passen. Recensent? Muziek luisteren, boeken lezen en films kijken en er nog voor betaald worden ook. Of Disk-jockey? En op die manier mijn naam voor altijd verbasterd zien worden door het accent uiteindelijk en definitief op de eerste lettergreep te leggen, in plaats van op de laatste?
Verlangens naar een perfecte wereld, waar iedereen dat kan doen waar hij gelukkig van wordt.
Excuses voor het springen van de hak op de tak, maar laat ik het zo zeggen, om over iets helemaal anders te beginnen. Ik geloof dat ik de behoefte te begin te ontwikkelen, om weer wat meer te kunnen ouwehoeren, serieus praten, met andere mensen. Bij voorkeur over muziek, boeken en films, naast ook andere dingen. De mensen met wie ik dat kon, zijn uit beeld geraakt. Uit het oog, uit het hart. Dat wordt dan gezegd. Maar het schijnt dus ook echt zo te werken. Ik doe er even hard aan mee. Als ik ze per se willen blijven zien had, dan was ik zelf wel ondernemender geweest. Dan had ik te weinig tijd en openbaar vervoer niet als excuus gebruikt, maar had alles gedaan en opzij gezet om hen te kunnen bezoeken.
Kijk, dat het dan van de andere kant stroever verloopt en zij geen zin en tijd meer hebben om mij te zien, dan houdt het ook op, natuurlijk.
(Dizzy Gillespie is inmiddels alweer Jimmy Smith geworden; en dat allemaal uit de luidsprekers die ik vorige week gekocht heb, zodat ik ook aan de laptop perfect geluid heb op normale sterkte, en niet alleen via een hoofdtelefoon)
Met Amaya kom ik qua boeken, films en muziek niet zo heel erg ver. Zij leest best veel boeken maar geen romans, of hoogst zelden en in andere genres.
Onze smaken wat betreft muziek en films liggen nogal ver uit elkaar.
Ik probeer haar wel eens uit of ze niet per ongeluk iets goed vind, wat ik ook goed vind. We hebben zo eens een paar slapeloze nachten door mijn toen gedecimeerde cd-collectie geploeterd. Er was weinig dat ze echt mooi vond. Laatst kwamen we erachter dat zij Ryan Adams, maar soms ook Songs:Ohia en gelijkgestemden mooie liedjes vind hebben. Allen aan country-gelinkd. En dat terwijl ik tot voor minder dan 5 jaar terug country bijna verachtte. Zie je toch dat je stiekem een heel deel naar elkaar toegroeit.
En dat lijkt me een mooie gedachte om mee af te sluiten.
(Jimmy Smith is door Cannonball Adderley vervangen; we sluiten af met 'Why Am I treated so bad?'
5 september 2007
De vakantie, die van mij tenminste, is halfweg. Onze hond Aaron, slokt zogoed als alle tijd op. Zorgen voor, opvoeden en dergelijke. Ik doe het met alle liefde en plezier.
Het mooie is, dat ik mezelf weer een stukje beter leer kennen. Ik zie weer andere kanten van mezelf en leer ze onderkennen. Mijn manier van omgaan met zorgen voor. In Hulst was dat poes Mingus. Nu is dat Aaron. En ik zie hoe ik hetzelfde gedragspatroon neerleg in de zorg voor Aaron, als naar die voor Mingus. Voor de hond is dat niet gezond. Zeker niet als er naast mij iemand staat die het anders doet en, ja, misschien wel beter. Wat bij de 'opvoeding' van poes Mingus niet goed ging, kan ik nu herstellen in de opvoeding van de hond. Ik leer elke dag bij. Dat is fijn. Niet altijd leuk, maar wel fijn. En goed voor de hond. Dan heeft hij straks 2 baasjes, die hetzelfde reageren op dingen die gebeuren. Zo kan hij dan niet (meer) proberen om, wanneer hij door het ene baasje op zijn nummer wordt gezet, of zijn zin niet krijgt, het bij het andere baasje gedaan te krijgen.
Een leerzame vakantie dus. Geen vakantie vol 'vrijheid', waarin je kunt gaan en staan waar je wilt, en doen waar je zin in hebt. Voor de nodige ontspanning gebruiken we de momenten dat de hond slaapt/rust.
Even terugtrekken op onze eigen kamer, dat gaat niet meer zo gemakkelijk. Dus halen we de laptop naar beneden, in plaats van er naar toe te gaan. En terwijl Aaron droomt van kartonnen dozen en piepende eekhoorntjes, neem ik de gelegenheid om eens echt goed te luisteren naar de muziek die ik in de laatste twee jaren op mp3 verzameld heb.
Bij mij werkt het luisteren naar muziek de laatste jaren namelijk anders dan vroeger. Toen luisterde ik cd nog van voor naar achter af. Tegenwoordig maak ik afspeellijsten met favoriete nummers, waardoor ik van sommige albums niet alle songs ken. Wat ik wel mis is de sfeer van het hele album waar de songs uitgeplukt zijn. Daar wil ik nog een oplossing voor vinden.
4 november 2007
Zul je net zien. Had ik juist een vlammend, goed logje geschreven....Poef! Doe ik het verdwijnen met een simpele druk op de verkeerde knop. Fijn!
Godweet zal enig overblijfsel uit de verdwenen weblog in een volgend, nog vlammender en beter log zijn plek weten te bemachtigen.
Intussen leven wij getergd verder
Reactie plaatsen
Reacties